In 1999 schreef ik mij in voor de studie commerciële economie aan de Hogeschool Zuyd in Sittard. Ik schreef me ook in bij een studentenvereniging. Het bier in de soos kostte Fl 1,50 (€0,68). De studie heeft nooit een kans gehad.
In 2001 starte ik de studie Food & Business aan de Hogeschool Zuyd te Heerlen. Ditmaal schreef ik me niet in bij een studentenvereniging. Dit mocht niet baten. In 2005 stopte ik. Het resultaat: een propedeuse en een studieschuld van een halve ton. Vlak voordat ik me uitschreef, vond ik een kamer in een studentenhuis aan de Akerstraat in Heerlen.
Het was een net studentenhuis met veel keurige, studerende meiden. Twee van die meiden en mijn overbuurjongen kregen in de smiezen dat ik eigenlijk een nepstudent was: ik was nooit op school en kwam wel erg vaak ’s nachts pas thuis. Soms rook ik naar wiet, vaak naar drank. Mijn groitste dwaling was volgens hen dat ik mij niet aan het huishoudrooster hield. Naar mijn inzicht hield niemand die zich een student mocht noemen aan welk huishoudrooster dan ook.
“Jij hoort hier helemaal niet te wonen”, zei de pittigste van de twee meiden eens in een discussie over het huishouden. Hierop adviseerde ik haar het zelf te doen als ze niet kon wachten, aangezien ze de beweging goed kon gebruiken. Hiervoor bood ik later mijn excuses aan. Dat vond ik toen zeer volwassen van mezelf.
Mondjesmaat verdwenen de studenten en verschenen de ‘normale huurders’. Ik werd degene die een huishoudrooster maakte en mensen aansprak op de schimmelkwekerij die het altijd was. Van normale huurders was als snel geen sprake meer. Het pand werd een afvoerput waarin zich kansloos schuim verzamelde. In de blogs met de tag Akerstraat Posse, schrijf ik over wat in de afvoerput gebeurde.